One person
Just you
One love
Mine for you
One life
You and me
You’re mine
And i’m yours
We are together
Like the sun and the moon
We can’t be
Without the other
Like the heat and the cold
The fish and the water
A bird and the air
Both someting
But also nothing
Without the other
That’s why
We’re together
Forever
‘Zouden we elkaar kennen?
‘Ik kijk hem aan, zijn grijze ogen kijken verdrietig terug.
‘Ik denk van niet, de andere wereld is groot,’ zegt hij met een bedroefde klank in zijn stem en hij kijkt weg. Even later kijkt hij me weer aan en strijkt zacht over mijn hand. Dan word het beeld licht en word ik wakker.
‘Doornwolf, zelf je naam mag ik hier niet zeggen,’ zeg ik met een zucht. Ik draai me om in mijn bed en denk terug aan mijn droom. Ik zucht weer en sta op. Na een korte douche zoek ik wat kleren uit mijn kast en trek ze aan. Het is mooi weer buiten dus ik trek een leuk rokje aan met een bloesje erboven. Als ik beneden ben pak ik wat eten en loop ik naar buiten. In de achtertuin ga ik in mijn walhalla zitten, mijn stukje andere wereld op aarde. Dit is de enige plek waar de vrede van de andere wereld ook is, mijn enige tastbare herinnering aan die plek. Op magische wijze heb ik zaden mee weten te krijgen en die hier gepland. De bloemen en kruiden bloeien in alle kleuren en hebben de heerlijkste geuren. Tussen al deze magische planten staat maar een gewone bloem.
‘Mijn doornwolf,’ zeg ik tegen de roos, ‘mooi en beschermend.’
Nadat ik mijn eten op heb en daar nog even gezeten te hebben, sta ik op en loop weer naar binnen. Over een uur begint school en ik wil niet te laat komen. Ik doe wat eten en drinken in mijn tas en pak mijn fiets. Rustig fiets ik naar school, ik geniet van de rust om me heen. In de andere wereld is veel meer natuur dan hier. Als het kon zou ik naar de andere wereld gaan en daar de hele dag door de natuur lopen. Helaas kan dat niet en moet ik het vandaag doen met een dagje school. Gelukkig zie ik op school wel mijn vrienden en vooral een vriend. Roel is een van de beste vrienden die ik ooit gehad heb. Hem zien op school maakt het al minder erg dat ik niet in de andere wereld kan zijn met doornwolf. Ik zet mijn fiets in de fietsenstalling en loop de school in. Roel zit al in de kantine dus ik loop naar hem toe.
‘Goeiemorgen Roel,’ zeg ik en ik ga bij hem zitten.
‘Heey Emely, lekker gefietst?’
‘Heerlijk en jij?’ zeg ik lachend. Roel fietst nooit naar school. Hij is wel heel sportief maar omdat hij ver van de school weg woont gaat hij altijd met de bus of trein.
‘Ja, fantastisch,’ antwoord hij lachend. We kletsen nog even wat en als de bel gaat gaan we naar onze lessen. Na de pauze hebben we samen gym. Ik wacht in de kantine op Roel zodat we samen naar gym kunnen lopen. Als hij eraan komt lopen is er een knap meisje bij hem die ik nog nooit eerder heb gezien.
‘Heey Emmy, al zin in gym?’ zegt Roel. Als hij bij me is en hij geeft me een knuffel. We hebben vandaag rugby en hij weet dat ik daar een hekel aan heb.
‘Ja, natuurlijk. Niks is leuker dan een uurtje in elkaar geramd worden,’ zeg ik lachend en we lopen ondertussen de school uit.
‘Dit is trouwens Leila,’ zegt Roel en hij gebaart naar het meisje dat bij hem was en nu met ons mee loopt.
‘Hoi, ik ben Emely’ zeg ik en ik lach naar haar. Ze geeft me een valse blik terug. Roel ziet het niet en praat verder.
‘Ze is nieuw in onze klas en meneer Strate vroeg of wij haar vandaag mee willen nemen om haar alles een beetje te laten zien.’
Meneer Strate is onze mentor en hij heeft een hekel aan nieuwe leerlingen rondleiden, daarom laat hij dat meestal aan wat leerlingen over.
‘Strate zou ook eens iets zelf doen,’ zeg ik tegen Roel en tegen Leila, ‘niet dat ik het erg vind hoor.’
Ze zegt weer niks en blijft me vuil aankijken. Ik begin Roel maar snel te vragen over de les die hij het vorige uur had. Hij begint uitgebreid te vertellen over de tekening waarvan hij die les zijn beoordeling terug had gekregen. Meneer Strate is zijn tekenleraar en heeft een heel andere mening dan Roel. De tekening moest een portrettekening worden en Roel had een portret gemaakt van een mangakarakter. Strate vond dat dat geen echt portret was en nu moet Roel een nieuwe maken.
‘Van een “menselijk persoon”.’
‘Ik durf te wedden dat je er geen echt mens van gaat maken,’ zeg ik lachend.
‘Wat ken je me toch goed,’ zegt hij en hij slaat even zijn arm om me heen. We zijn ondertussen bij het gymveld dus Roel loopt naar de jongenskleedkamer terwijl ik Leila mee neem naar die van de meisjes.
‘Van welke school kom je?’ vraag ik aan Leila.
‘De Hogevliet,’ zegt ze kort. Haar stem is zacht en schel.
‘Was het leuk daar?’
‘Nee.’
‘Lijkt deze school je wel leuk?’
‘Ga je de hele tijd zo vervelend doen?’ snauwt ze.
‘Sorry, ik probeer alleen maar vriendelijk te doen,’ zeg ik geschrokken.
‘Ik hoef geen vriendelijkheid van jou. Bemoei je gewoon niet met mij. Ik word een stuk gelukkiger als je me met rust laat.’
‘Dat kan helaas niet, Roel en ik moeten je mee nemen je eerste dagen hier.’
‘Roel, jij niet. De leraar vroeg Roel.’
‘Roel zei dat van Strate ons vroeg, mij dus ook. Van Strate weet dat we het toch wel samen doen.’
‘Nou, ik heb jou niet nodig.’
‘Waarom Roel wel en mij niet?’
‘Gaat je niks aan. Je bent z’n vriendinnetje toch niet dus doe niet zo moeilijk.’
Was ik dat maar, denk ik.
‘Nee, dat ben ik niet. Maar hij is wel mijn beste vriend,’ zeg ik. We zijn ondertussen bij de kleedkamer en gaan naar binnen. De andere meiden willen weten wie Leila is dus ik stel haar aan ze voor. Ik merk dat ze tegen de andere meiden ook kortaf doet. Het ligt dus niet aan mij. Maar waarom tegen Roel niet? Toen ze met Roel aan kwam lopen lachte ze en waren ze aan het praten. Misschien vind ze Roel leuk denk ik dan. Ik hoop van niet. Roel is een knappe jongen, hij heeft donker blond, half lang haar en heldere blauwe ogen. Ik vind hem zelf al leuk zolang ik hem ken, maar heb hen dat nooit verteld omdat we vrienden zijn. Ik wil onze vriendschap niet verpesten. Ik gun hem ook wel een vriendin, maar niet Leila. Ze staat me niet aan. Roel verdient iemand die ook normaal doet tegen anderen.
‘Em, ga je mee?’
Iemand stoot me aan en ik schrik op uit mijn gedachten.
‘Waar zit jij zo diep aan te denken? Aan Roeltje zeker?’ zegt Femke. Ik kijk om me heen en zie dat iedereen al weg is.
‘Oeps,’ zeg ik lachend en ik begin te blozen.
‘Haha, ja. Je dacht aan Roeltje,’ zegt Femke en ze moet lachen. Zij is de enige persoon die weet dat ik Roel leuk vind.
‘Kom mee, je droomprins wacht buiten op je.’
We lopen naar buiten en daar staat Roel inderdaad te wachten.=0D=0A’Dat duurde lang Emmy,’ zegt hij als hij ons ziet.
‘Ja, we moesten nog even over jou kletsen. He Em,’ zegt Femke met een knipoog naar mij.|
‘Ja ja,’ antwoord ik lachend.
‘Oh, wat viel er over mij te bespreken dan?’ vraagt Roel verbaasd.
‘We vroegen ons af of je een six-pack hebt,’ zeg ik terwijl ik in Roels buik prik.
‘Ah, ja. Interessante vraag. En, wat denken jullie?’
‘Emely denkt van wel, maar ik denk het niet.’
‘Oke en hoe gaan jullie erachter komen of het zo is?’
‘Dat vragen we jou natuurlijk, dus wat is het Roeltje?’
‘Voor jou een vraag, voor mij een weet,’ zegt Roel met een knipoog tegen Femke.
‘Daar nemen we geen genoegen mee, he Fem,’ zeg ik tegen Femke.
‘Nee inderdaad,’ stemt Femke met me in en samen beginnen we Roel uit te kietelen.
‘He, torteltio! Komen jullie ook mee doen aan de les?’ roept meneer Blok, de gymleraar, opeens naar ons.
‘Trio!’ zeggen Femke en ik tegelijk tegen elkaar en we beginnen te lachen. Dan pakken we allebei een van Roels handen en lopen zo naar de rest van de klas. Meneer Blok moet lachen en mompelt iets wat klinkt als mafketels.
You
I love you
So much
More then everything
Less then nothing
Your face, your smile
Your body, your smell
I love it all
I can’t live without it
Without you
Love the heat
Love the sun
Love the ground your walking on
Love the cold
Love the rain
Love them, because without the world wouldn’t be the same
Veraden
Alweer
Door mijn eigen hart
Waarom doe je me dit aan
Vertrouwen
Misleid
Waarom doe ik me dit aan
Volg je hart zegt men
Ik voorkies mijn verstand
Mijn hart vertrouw ik niet meer
Alles speelt een spelletje met me
Personen
Gevoelens
Ik word dit zat
Is het leven dit wel waard
Een doel
Een vriend
Iets om op te vertrouwen
Iets om naar vooruit te kijken
Maar ook om op te wachten
En voor te vrezen
Alleen het vrezen word minder
En het wachten korter
Het vertrouwen groter
Vertrouwen op rust
Rust en geen pijn
Geen pijn meer
Geen pijn meer
Je moet doorgaan
Elke dag, elke minuut
Voor je vrienden, voor je familie, voor jezelf
Gelukkige momenten komen
Maar ook ongelukkige
Liefde en haat, lachen en huilen
Mensen die je mag, mensen die jou mogen
Mensen die je niet mag, mensen die jou niet mogen
Alles komt, veel gaat
Sommige dingen blijven lang, andere voor altijd
Goede dingen, slechte dingen
Je hebt er weinig keuze in
Je kunt alleen zelf kiezen om door te gaan
En dat doe je
Elke minuut, elke dag
Vuur en rook
Overal om ons heen
In onze longen, in ons hoofd
Vlucht
Weg van hier
Zo snel je kunt
Ren weg
Door de chaos
Iedereen is overal
Net als de rook
De angst, de adrenaline
Het giert door je lijf
Je rent weg, ademd frisse lucht
Je haalt adem en kijkt
Waar is de rest
Gaat alles goed
Je ziet het vuur en de rook
En in de rook je vrienden
Ook zij rennen
En vluchten
Iedereen is veilig
Je kunt weer ademen
Ik ben alleen
Niemand weet wat er is
Mensens vragen, maar zullen het nooit begrijpen
Dit ben ik
Of wat er van me is gemaakt
Sommige dingen beïnvloeden je heel erg
Je helpt me
Of je probeert het voor zover je kunt
Zul je het begrijpen als ik het je vertel
Zou het kunnen
Dat ik alles vertel
En iemand mij begrijpt en ik niet meer alleen ben
Ben jij het
Diegene die me kan begrijpen
Ik vertrouw je mijn leven toe